Het belang van goede voeding2018-04-26T16:05:46+00:00

Het belang van goede voeding

Yvonne Porsius-Hassing is een diëtist met een voorliefde voor de medische kant van het vak. Ze werkt dan ook in het ziekenhuis – Medisch Spectrum Twente – en heeft inmiddels 37 jaar ervaring. Yvonne is getrouwd, heeft 2 volwassen kinderen en kookt, eet en reist graag. We spreken haar over het belang van goede voeding. Vóór en na de stomaoperatie.

Wat houd je werk in?

Ik werk in het ziekenhuis, op afdelingen chirurgische oncologie en neurologie. Met de jaren is het aantal dagen dat iemand opgenomen wordt behoorlijk verminderd. Ik zie mensen dus meestal maar kort, al verschilt dat natuurlijk ook wel per type patiënt. Meestal spreek ik ze tijdens de opname en verwijs ze voor een eventueel vervolg door naar de huisarts of een diëtist de eerstelijnszorg. Oncologiepatiënten die in het ziekhuis een nabehandeling krijgen zoals bestraling, zie ik wel langer.

Waarom doe je dit werk?

Voedingsleer is een heel breed vakgebied. Het kan preventief zijn, op initiatief van de persoon zelf, op verwijzing van de huisarts, of medisch. Dat laatste, die medische kant van het vak trekt mij het meest. Ik zie alleen patiënten op verwijzing van een specialist. Hier in het Medisch Spectrum Twente werk ik samen met andere specialismen, zoals (stoma)verpleegkundigen en chirurgen. Daardoor krijg je vanuit verschillende invalshoeken informatie over het ziektebeeld, de patiënt. Met elkaar komen we dan tot een multidisciplinair advies, dat medisch inhoudelijke vind ik interessant.

Wat is je ervaring met stomapatiënten?

Op de afdeling chirurgische oncologie zie ik veel patiënten die in het ziekenhuis zijn voor een maag-darmoperatie, met vaak een stoma als gevolg. Mijn werk met deze mensen begint soms al voor de opname. Met voedingsadvies om zoveel mogelijk aan te sterken voor de operatie. Vooral mensen met darmklachten hebben moeite met eten, en gaan dan minder eten. Ze vallen daardoor flink af, en kunnen zelfs ondervoed raken. En een slechte voedingstoestand geeft een hogere kans op complicaties bij een operatie, kan leiden tot een langer verblijf in het ziekenhuis. Ook het herstel kan langer duren, zeker bij een natraject met bestraling en dergelijke.

Goede voeding helpt je in een betere conditie te komen voor de operatie. Vanaf 10 dagen voor de operatie heeft het nog zeker nut om met goede en gevarieerde voeding op krachten te komen.

Daarnaast zie ik mensen tijdens de opname in het ziekenhuis. Dan gaat mijn advies over voeding en stoma. Ik zie colostoma- en ileostomapatiënten. En dat zijn echt twee categorieën.

Een colostoma is wat voeding betreft nauwelijks ingrijpend. Er zijn niet echt specifieke adviezen; ik benadruk het belang van gezonde voeding, voldoende vezels, en geef voorlichting over gasvormende voeding. Dat zijn een aantal voedingsmiddelen die je zeker niet hoeft te ontwijken, maar waar je rekening mee kunt houden. Het gevormde gas moet er toch uit waardoor je opvangzakje kan opbollen, en – voor veel mensen vervelender nog – wat met geluiden gepaard kan gaan.

Voor ileostoma’s is het advies in grote lijnen dat alles gegeten kan worden, maar is er bredere aandacht voor vocht- en zoutgebruik. Het ontbreken van de dikke darm zorgt voor extra vocht – en zoutverlies, dat moet je compenseren. Ileostomadragers moeten voldoende drinken, hun natriumpeil in de gaten houden, en aanvullen indien nodig.

In mijn advies neem ik ook altijd de persoonlijke voedingstoestand van iemand mee. Sowieso is voeding heel persoonlijk, eigen voorkeuren en smaak spelen natuurlijk een rol. Bovendien kunnen mensen een allergie hebben, of een aandoening zoals diabetes, hoge bloedruk of cholesterol, die het dieet beperken.

Behalve voor en tijdens de opnamen zie ik soms mensen die al langer een ileostoma hebben. Dat gaat dan om mensen die opgenomen worden vanwege extreme ‘high output’. Dat betekent dat je meer dan anderhalve liter vocht per 24 uur door je stoma afscheidt. Daar is niet tegenop te drinken. Vaak is dat wel wat mensen doen: nog meer drinken waardoor de stoma alleen maar nog harder gaat lopen. Je neemt dan geen zout en voedingsstoffen meer op, en het kan leiden tot nierproblemen. Meestal is het juist goed voor zo’n patiënt om minder te drinken en vocht en zout via een infuus te krijgen. En dan ga ik de vochthuishouding weer in balans proberen te krijgen. Dat doe ik door hypertone en hypotone dranken te beperken en voornamelijk gebruik te maken van isotone dranken. In een isotone drank zitten net zoveel deeltjes in het water als in je eigen lichaamsvocht. In hypotone drankjes zitten minder deeltjes en in hypertone juist meer. Dat bepaalt of je lichaam een drankje snel opneemt of er langer over doet. Zo help je het lichaam de vochthuishouding in de darm te herstellen.

Is er een verschil met andere patiënten?

Bij stomapatiënten komt er vaak een ‘stukje sociaal’ kijken. Eten en drinken doe je vaak met anderen. Ook hebben stomadragers, zeker in het begin, moeite met het hebben van een stoma; niet alle kleding kun je aan, je maakt geluid, en dan hebben mensen geen zin om in een gezelschap aan tafel te gaan zitten. Ik hoor vaak: “o dan vermijd ik alles wat geluid en gasvorming kan veroorzaken”. Dat is een keuze die eenieder zijn goed recht is, maar ik vind het soms wel jammer. Je ontzegt jezelf daarmee misschien wel dingen die je juist lekker vindt, en het maakt je dieet ook minder gevarieerd. Eet die dingen anders gewoon thuis, raad ik dan aan, en vermijdt ze alleen buiten de deur.

Welke vragen krijg je vaak van stomadragers?

“Wat mag ik nog eten?”, daar begint het meestal wel mee. De meeste mensen hebben het idee dat het vanaf nu heel anders moet, en dat is echt niet zo. De vraag naar recepten speciaal voor stomadragers kan ik dan ook niet beantwoorden. Gewoon gezond en lekker eten, dat is het beste. En zelf ondervinden of je van bepaalde voedingsmiddelen last hebt. En wanneer. Sommige stomadragers ondervinden dat ze bepaalde dingen beter niet ’s middags of ‘s avonds kunnen eten bijvoorbeeld. Ook hoe je iets klaarmaakt en wat je erbij eet, kan beïnvloeden of je erop reageert en hoelang dat duurt.

Mijn adviesrol voor stomadragers is raar genoeg vaak mensen overtuigen van het feit dat ze alles kunnen eten.

Waar denk je dat het minst door stomadragers op gelet wordt, ten onrechte?

Zoals al gezegd is vocht en zout bij ileostomapatiënten echt heel belangrijk. Maar het hebben van aandacht voor je eten – rustig eten en goed kauwen – is zeker ook van belang. Met name bij de ileostomadragers; de vertering van het eten vindt plaats in de maag en dunne darm, omdat die dunne darm (deels) is weggehaald, is dat verteringstraject een stuk korter. Daarom moet je je eten zoveel mogelijk voorbewerken. Door goed te kauwen en je eten op je bord voor te snijden. Bepaalde groenten kunnen anders echt problemen geven, asperges zijn een berucht voorbeeld. Die bevatten lange vezels die slecht verteren, en als je niet goed genoeg kauwt of snijdt kunnen ze een kluwen vormen in je darmen die niet makkelijk je stoma uitkomt. Toch geldt ook weer hiervoor dat het geen probleem hóeft te zijn.

Voor colostomadragers geldt het in mindere mate omdat zij de dikke darm (deels) missen, deze darm dikt de ontlasting alleen verder in en speelt geen rol in het verteringsproces. Toch is rustig eten en goed kauwen ook voor colostomadragers aan te raden. Voor iedereen eigenlijk. Het helpt namelijk ook gewoon bij het opnemen van voedingsstoffen en tegen overeten, omdat je door goed te kauwen eerder verzadigd raakt.

Wat heb je zelf met eten?

Ik vind eten heerlijk en kook erg graag. Hobby is een groot woord, maar ik vind het wel heel leuk, zowel het bereiden als het eten. Ook ben ik altijd nieuwsgierig naar andere eetculturen. Ik reis veel en neem van mijn reizen altijd kruiden en kookboeken mee. Bovendien maak ik heel veel foto’s. Van de mensen en de omgeving, én van het eten. Dan ga ik de lokale markt op met mijn fototoestel en fotografeer ik al dat mooi uitgestalde fruit en de groenten. En die foto’s gebruik ik dan weer als beeldmateriaal in de presentaties die ik geef voor patiëntenverenigingen en dergelijke.

Op reis in Thailand zag ik dat de groenten in de rivier gewassen werden. Net als de was en de afwas. Daar heb ik een foto van gemaakt die leuk werkt bij een praatje voor stomapatiënten over eten op reis in het buitenland. Het is een goede illustratie van dat het daar anders gaat dan wat we hier gewend zijn. En dat je daar rekening mee moet houden: eet op reis alleen dat waarvan je zeker weet dat het goed behandeld en bereid is.

Ik heb geen recepten speciaal voor stomadragers.
Gewoon lekker eten, dat lijkt me het allerbeste.

Heb je tips voor de kerst?

Qua eten: Gasvormende groenten zijn het meest irritant voor veel stomadragers, zeker in gezelschap. Vermijd die gewoon als je weet dat je daar last van hebt. Als je tijdens een etentje zo’n groente op je bord dreigt te krijgen, weiger dan beleefd. Je kunt uitleggen waarom, of als je daar geen zin in hebt, zeggen ‘ik houd er niet van, ik neem het liever niet’. En prijs de rest van het eten dan gewoon overdadig, er is altijd wel iets wat je wel lekker vindt.

Qua drank: Een glas wijn of twee bij het eten moet geen probleem zijn. Houd het gezellig en beperkt. Bedenk dat bier een koolzuurhoudende drank is, en dus net als fris met prik gasvormend is.

Mijn advies aan stomadragers is eigenlijk heel simpel: probeer zo normaal mogelijk te blijven eten en drinken, beperk jezelf niet te veel. Ondervind zelf of je ergens last van krijgt. Het is in de regel meer de angst dat het klachten kan geven, dan dat het in de praktijk zo is.

 Lees hier meer voedings-gerelateerde nieuwsberichten